donderdag 28 mei 2015

Dichterscafé mei 2015

Dichterscafé mei 2015 - Onderwerp:
50

Deze (vijftigste!) bijeenkomst hebben we een extra feestelijk tintje gegeven en daarom laten we, als het toch op feestvieren aankomt, ook de organisatorische teugels iets meer dan gewoonlijk vieren!



Onder leiding van Heleen Bosma hebben we ook een dichtspel gespeeld. Allemaal zinnen met een eigen getal (tussen 1 en 50) betrekking hebbend op het Dichterscafé. Daaruit ontstaat het volgende gedicht.

Eén Franciscusbeeld op een versleten sokkel
Herman & Jos, een tweespan waar geen vijftig man tegenop kan
Vanavond om zeven uur is het Dichterscafé passé
Zeven maal uitleg, zeven maal verwarring, zeven maal applaus
Ze zeggen zeven is magie
Zeker acht keer betraden wij de kelder
Ongeveer dertien keer was het op het Vogeleiland
Dertien maaltijden de magen in
Dertien is de helft van 26 mei
Foto nummer dertien van mezelf in Odessa
Zeventien gedichten gehoord , voor de pauze
Zeventien maal kelderstank verduren
Henry de 17e heft zijn zwaard
Shakespeare’s sonnet nummer negentien was één teveel bij die kelderfoto (nl.: sonnet 18)
Tweeentwintig Troubadours voor begrafenissen
Vierentwintig ramen geven de nodige inspiratie
25 maart, het voorzittersbelletje niet vergeten
Zevenentwintig sprekers achter de lessenaar, lezers gewapend met papier, luisteraars in het openbaar
Zevenentwintig, daar heb ik wel wat mee, zei de mooie vrouw
Drieendertig  fotocopieën om uit te delen
En drieendertig maal voelde ik verlegenheid….
Zesendertig krakende hersen
Het record was zevenendertig spelfouten
Ik telde zevenendertig aanstormende talenten!
Onder zevenendertig hanebalken
Ik ben zevenendertig keer in de kelder geweest
Vijfenveertig spetterend besproken beelden
Mijn hartslag is achtenveertig, behalve als ik voorlees
Een vrouw is vijftig push-ups waard.

Helaas kon Benne Solinger, die de groepsfoto zou maken, niet aanwezig zijn, hij was net die middag opgenomen met hartproblemen. We wensen hem een voorspoedig herstel.


Gedichten van deze bijeenkomst:

Gedichten op het thema

Wie het woord vijftig doorgrondt dichte het eerste woord door Joost Golsteyn
Vijftig keer door Niels Klinkenberg

Hoop en verwachting door Leen de Oude
Vijftig door Cees Leliveld
Middelbaar, variant drie door Michiel van Hunenstijn
De spiegel door Jan van Laar
Haiku verkeerd door Pieter Bas Kempe
Forever door Maarten Douwe Bredero

Dinsdag 26 april 2011 door Jos Paardekooper
Dichterscafé haalt de vijftig door Neletta van Heuven
Deventer Dichterscafé vijftig maal door Wim van den Hoonaard

Creationisme door Tinus Derks
50 door Dick Smeijers

Wie het woord vijftig doorgrondt dichte het eerste woord

beloof in naam van Homerus een leger
van regenbogen aan een willekeurige
voorbijganger en hij zal de kleuren zien

beloof een blinde duizend louteringen
en hagelstenen als duiveneieren
zullen in braille de autodaken deuken
van ontelbare demonische despoten

beloof de cultuurbarbaar cultuur
want in zijn hart is hij een kunstenaar
en smeedt hij in jouw naam
nog eens schroot tot diamant

maar ik wil dichten alsof nog nooit een woord
gevonden voor de leegte ik wil door het wit
heen breken uit het niets opdoemen met letters
ophouden met het zoeken naar beelden
want dat is een dwang nog erger
dan die van het rijmen

ik wil zonder vergelijking het ware treffen
zonder waarheid wegduwende woorden
wil ik dat beeldspraak schrappend
helaas geen woord overhoudend
maar dichtend voort

slechts schaduw achterlatend die ik
vanaf nu dan maar koester
het duister openslaand
en de metafoor vermorzelend
de architectuur van het onmogelijke
predikend boetserend
met welk gereedschap doe je dat?

met de stem van orchideeën?
met licht dat voor de liefde buigt?
met hoog gegooide argusogen?
ik doe dat met het woord vijftig
daarmee spalk ik gebroken stemmen
daarmee buig ik achterdocht tot water
omdat ik verder zonder woorden ben

het gras onder onze voeten
ploft een vluchtige vijftig
dat is mist die rustig uiteenspat
een bloeiende boom die begonnen
begonnen als mosterdzaadje
welig de lucht in grijpt
want daar bouwen
alle vogels hun nesten:
in die boom

en bij die boom zijn wij
eindelijk de tel kwijt
en wandelen wij
op blote voeten

over het benevelde gras

en weten wij wat nu

Joost Golsteyn

Vijftig keer…

Wat een groot gelul:
een vijf slechts en een nul,
Die cijfers, dat getal,
Die zeggen mij geen bal.
’t Zijn slechts kwantiteiten:
alsof wapenfeiten
Vijftig keer bedreven
in een mensenleven
Waardevoller zijn
dan tien, of een dozijn!
Ik wil het niet verstieren,
maar als we willen vieren
Van die vijftig keer,
Zou ik willen pleiten
slechts de kwaliteiten
Van wat wij verrichtten
tijdens al dat dichten
Hier en nu te vieren:
heft slechts de banieren
Voor die vele keren
Dat wij úítproberen;
Dat wij blíjven zoeken
naar die invalshoeken;
Dat wij woorden vinden:
essenties die verbinden…
Eén regel zegt vaak meer…

Niels Klinkenberg

Hoop en verwachting

24 mei 2015

Ze spraken er
nogal opgewonden over
toen ze
op de vijftigste dag
met de nieuwe situatie
geconfronteerd werden.

Ze werden niet
als wezen achtergelaten
ze kregen godzijdank
wat steun van hogerhand.
Hoewel het substantieel
niet veel voorstelde
moesten ze zich daarmee
zien te redden.

Beter iets dan niets
zeiden ze in vol vertrouwen
tot elkaar
en de wind
is ons gunstig gezind

In grote eensgezindheid
gingen ze op pad
in de volle overtuiging
dat niets hen kon scheiden.

Maar het liep anders.

Leen de Oude      

Poëzie en getal

bouw mij een huis uit de
som van drie kwadraten
met cijfers exacter dan taal
formules sterker dan woorden

is de tafel van vijf eerlijker dan
een verhaal over goud of tin
in spin de bocht gaat in
uit spuit de bocht gaat uit

tussen twee getallen
het leven van een mens
tijd gemeten en wolken geteld
droom en taal grenzen gesteld

bouw mij een huis met de
maten van drie kwadraten
die samen vijftig zijn

met vierkante vensters die wijd
opengaan en waar grenzenloze
dromen kunnen bestaan

Nele Holsheimer

VIJFTIG

Vijftig is eigenlijk best een vriendelijk getal,
bemoedigend zelfs, een steuntje in de rug.
Zelden eindpunt, altijd mijlpaal,
stempelpost, van vlaggen ruim voorzien.
Je hebt nu al een goed eind afgelegd,
maar je weg strekt zich nog verder uit:
het beste deel zit er misschien nog aan te komen.
Strijk even op dat bankje neer
en trek je van dat pas geverfd niets aan!
Blik eens terug op die afgelopen jaren!
Herinner je je die kwieke grijsaard nog
die je schijnbaar toevallig tegenkwam?
Hij riep: nu heb je me gezien!
Dat was wel een AHA Erlebnis, BRAM!
Maar na het feestgedruis komt toch die tweede helft
waarvan je weet: die maakt men zelden vol.
En die garanties uit het verleden
zijn voor de toekomst nog geen resultaat!
Dat weet je allemaal en staat toch op,
hervat je tocht naar een onbekende einder.
Kon je maar altijd vijftig blijven!
Dan was het alle dagen feest
in plaats van een moment, een korte euforie.
Maar: zullen wij die tweede helft samen gaan?
Onderweg lees ik dan voor uit eigen werk
tenzij je dat niet leuk vindt.
Dan gaan we samen zwijgend voort
op weg naar waar de borden wijzen.

Cees Leliveld

Middelbaar variant drie

Middelbaar, been in het graf
levenseinde ingezet.
Verval, bederf, klaar en sterf.
Na de finish de grafkrans.
Je drinkt er alvast een op;
gezondheid, proost je zachtjes.
Het bezinksel in het glas,
het residu van het bestaan,
je zag prompt een metafoor,
klonterde en was troebel.
Jeugdbeelden drongen zich op,
jullie deden haasje over,
en rolden door het gras.
Plots was je alweer puber,
en kon je haar niet krijgen,
en het meisje dat jou wou,
dat wilde jij nou weer niet.
Voila, je eerste gedicht.
Je gedachten dwalen af,
je pakt je pen en papier,
en schrijft de rede van je graf;
leven dood en eeuwigheid,
pom pom pom en dan de spijt.
Middelbaar, been in het graf
levenseinde ingezet.

Michiel van Hunenstijn

De spiegel

Van zijn gezapige tevredenheid
heeft de handige Christiaan zich

nooit bevrijd. Maar na vijftig lange
jaren staart hij in de spiegel die

de buurvrouw op zijn keurig
afgehangen deur bevestigd heeft.

Hij stoort zich mateloos aan zijn
oude kop: de natte neus en scheve

mond, de purperrode, uitgezakte
wangen. Christiaan sluit beide ogen,

hij kan de beelden niet langer aanzien,
sleutelt dan al cirkelzagend en

schroevendraaiend deze irritante input
zó ver terug dat hij zijn tevredenheid

hervindt. De buurvrouw is dan al weg.

Jan van Laar

Haiku Verkeerd

                       (Wegens a.  het lettergrepenschema 7-5-5,
                              en b.  51 lettertekens voor het 50ste
                              Deventer dichterscafé)

Hier ben ik allautochtoon
Allau is groot en
Ik ben zijn profeet

Pieter Bas Kempe

Forever

Zoals de letterlijn jouw handen ontglipt
om krullend te schrijven waar het op staat

probeer ik nu eenmaal in toenemend verval
die draad naar een oorsprong terug te halen

Maar laten we niet vergeten dat hier mét elkaar
wij altijd jong en fit zullen zijn
vanaf dat moment waar het leven begint

Dus welke overgang er ook ís te betreuren
van strak naar rimpelig plus alles daar tussen
wíj dichten op schone leien over
onbeschreven bladen

zónder tinten grijs

Maarten Douwe Bredero

Dinsdag 26 april 2011

Lofdicht, in vijftig woorden, op de allereerste bijeenkomst
van het Deventer dichterscafé


Er raasden nog geen Fyratreinen door de polder.
Jorge Bergoglio raasde nog niet rond in Rome.
Er waren nog geen onthoofdingen op tv.
Er werd nog gevlogen boven Oekraine.
De restauratie van het Rijksmuseum 
ging nog net niet z’n tiende jaar in,
evenals in Gitmo 140 gevangenen. 

Overal was rust.




Dichterscafé haalt de vijftig

Wie toont de mens des werelds waan
Verheft de geesten hemelshoog
Wie kan zijn eenzaamheid verslaan
Het is de dichter met zijn zienersoog

Hij vangt in woorden ons bestaan
Richt zaklantaarn waar niemand kijkt
Weet fluisterende waarheid te verstaan
Het is een kunst waaraan je licht bezwijkt

Hij is een troubadour, een minstreel
Almaar dieper gravend met de jaren
Ontdekt juwelen in ‘t struweel
Steeds raker worden woordgebaren

Voor hij sterft wil hij ongrijpbaar leven
beitelen in bundels, zijn gedichten, dus …
Altijd gevoel van haast, ik heb nog even
Voor ik sneven zal, ik ben al 50 plus

Maar wees gerust …

Bezonken smart verkeert in voordeel
Desem van voorbije liefdesavonturen
Vormt de zuren voor ons dichtersmeel
Daarop kan ons Café nog jaren voortborduren

Neletta van Heuven

Deventer Dichterscafé vijftig maal!

Niet zomaar ergens werd een drang tot uiten
eens niet verward met drank naar binnen,
maar zoals ook de IJssel buiten
kan geen stroom zonder bron beginnen

op vier plekken reeds vijftig maal,
schoorvoetend, maar gaandeweg vrijer,
doolden dichters met hun verhaal
en keerden huiswaarts, niet zelden blijer

nu hoor ik u denkend praten:
Ja, ja, een café…
maar de kans op onverlaten,
dat viel reuze mee!

De combinatie van drank en dicht
maakt de geest ruimer en verlicht,
hier werd divers met taal gemorst
en ‘wat men overhield was…dorst!’

Dank aan hen die ook mijn drang mogelijk maakten
en daarna een zucht van verlichting slaakten,
desondanks vraag ik u, dames en heren:
alstublieft nog minstens vijftig keren!

Wim van den Hoonaard

Creationisme

hypothese
pasen en  pinksteren
vallen op  één
dag
consequentie
de toch al zo verweesde
mensheid ontbeert ook
nog eens een periode van
vijftig dagen met elke dag
kans op een nieuwe tint
grijs
conclusie
dat heeft de schepper
toch maar weer tot volle
tevredenheid van het
mensdom jong en oud
arm en rijk blank en zwart
gefixt

Tinus Derks

50

Ik  heb een hekel aan getallen
Ik haat de één nog meer dan twee
Laat staan een breuk die van geen einde weet
En repeteert en repeteert
Het houdt niet op
Totdat je moe bent of je pen is leeg.

Ik heb een hekel  aan getallen
Ze kunnen me gestolen worden allemaal
De kwadraten en de wortels
Wat voegen ze nou toe aan dit verhaal
Ik gooi ze stuk voor stuk
Te pletter en te grabbel

Ik heb een hekel aan getallen
Ze kunnen me de pot op allemaal
Ik zie er grijs van en vergallen
Zo elke vreugde menigmaal
Dat één ding duidelijk mag wezen
Ik heb een hekel aan getallen.

Dick Smeijers