donderdag 29 maart 2012

Dichterscafé maart 2012

Dichterscafé maart 2012 - Onderwerp:
Vriendschappen en andere ongemakken (thema boekenweek 2012)

Gedichten van deze bijeenkomst:
Als vrienden uit elkaar door Wim van den Hoonaard
Boek en stad door José Hattink-Blom
Hobbelpaard door Jan van Laar
Klootzak, ik mis je door Michiel van Hunenstijn
Vriendschap door Alfred Bronswijk
Vriendschap door Twan van Dijk
Vuurvogel door Erica Rekers

Als vrienden uit elkaar

Wij huilden en wij lachten
wij leefden ons gevecht
wij waren aan het leven
en aan elkaar gehecht

juist daarom deed het scheiden
van onze wegen pijn
het was toch voor ons beiden
een stukje samen zijn

een formule werd gekozen
voor 't aangenaam verpozen:
als vrienden uit elkaar

verwelkt zijn nu die rozen
en ik zit in 't schip te hozen;
o, zag ik jou nog maar...

Wim van den Hoonaard

Boek en stad

De Lebuinus
rondom het “Kerkhof”
vele mensen
rustig schuifelend
richting ingang
gesprekken  “geboekt”
gesprekken verstommen
kijken met lange halzen
een lichtend schouwspel
ben ik in Rome
in ’n Basiliek?
gewelven verkleuren
waarin je verre dromen
in de schilderingen ziet
maar ik
ik ben in de boeken stad
alsof ik dat vergat
lichten verflauwen
gesprekken verstommen
de aandacht is gevangen
een fee daalt uit de hemel neer
en regisseert een tango
adem benemend
boeken  mensen verschijnen
literaire coryfeeën
vriendschap is de verbinding
geestig, glashelder
scherp als pepermunt
of gewoon door er te zijn
en ons mee te nemen
in de magische wereld
van papier en letters
een boek
Deventer boek en stad

José Hattink-Blom

Hobbelpaard

Een paard te zijn, een schommelbeest:
al lang heb ik ernaar verlangd,
zo’n beest, maar wel van eigen vlees.
En jij, ik weet je naam niet eens,
klom vlug en vrolijk op mijn rug
en wiebelde terwijl je riep van:
‘toe, vooruit jij, hobbelpaard’.
Maar ik werd moe van al die haast,
begreep al gauw: dit hóud ik niet,
en ik lanceerde jou.
En jij, je schreeuwde van plezier
en scheerde raak’lings langs mijn raam.
Ik riep ‘oh, dear’, ik vloog je na
en greep je bij de lurven.
We surfden samen op de golven
van de wolken en de wind,
omwonden door mijn lange staart,
en zwaaiden blij en opgelucht
in volle vlucht naar huis en haard.

Jan van Laar

Klootzak, ik mis je

Jij kon waarschijnlijk niet anders
Die koers lag allang voor je vast
Wat moest gebeuren, gebeurde.
Dat was slechts een kwestie van tijd.

Jij maakte met iedereen ruzie.
je verbrak dan de vriendschap.
Je maakte dan je punt,
met een biertje erbij
ging je er vol in.
En dat was dan dat.
Jij maakte met iedereen ruzie
en uiteindelijk dus ook met mij.

Maar je moeder die had kanker
en je vader was aan de drank
Maar je moeder ging vroeg dood
en je vader was aan de drank.
En jij was aan de borderline of zo.

Maar we zouden niet vergeten
dat we gelachen hebben,
en gedronken.
En gelachen in de kroeg.
en gelopen door de duinen,
en gedronken in de kroeg.
en gelopen door de nacht.

Maar je moeder die had kanker
maar je moeder ging veel te vroeg dood
en je vader, die  was aan de drank.
En jij, je scheidde van je vrouw,
dat heb ik pas veel later gehoord.

En onze vriendschap verbrak je in een café.
Waar je kotste in de wasbak.
Je maakte daar een spetterend punt.
Mij hoor je niet over symboliek.

Later kreeg ik van jou nog een boomerang-kaart,
per post. Van Heineken, natuurlijk toevallig.
Ik heb er hardvochtig niet op gereageerd
maar klootzak, ik mis je.

Michiel van Hunenstijn

Vriendschap

Ja, één keer nog dit leven overdoen
en wat het mooiste was opnieuw beleven:
de tinteling, het met geheim omweven
zijn van ieder nog onbekend seizoen.

De koffers volgepakt met visioen.
Samen aan boord gaan van de mooiste dromen,
vol verwachting, dat eens de kust zal komen
waar om het alles ons hier is te doen.

Dan zal geen scherf ooit meer de pot ontvallen.
Alleen maar vuur en nergens smeulend as.
Het dreigend donker meer zal, drooggevallen,

korenbloemen zaaien op hoge wallen.
Weer zou jij dit doen, of dát - alsof het was,
dat vriendschap niet bestaat uit sneeuwkristallen.

Alfred Bronswijk

Vriendschap

mijn zoon vroeg mij: “wat is nu eigenlijk vriendschap?”
daar moest ik even over nadenken,
keek hem aan en zei:
een vriend is een antwoord op jouw vragen en verlangens
hij is de akker die je met liefde bezaait
met dankbaarheid oogst
de tafel waar je bij aanschuift
het haardvuur dat je warmt
waar je altijd kunt eten als je honger hebt
de rust kunt vinden als je moe bent

een vriend deelt zijn meest intieme gedachten met jou
zoals jij niet bang hoeft te zijn jouw gedachten ook met hem te delen
gelijk hebben of gelijk krijgen zijn niet belangrijk
als hij zwijgt, blijf je toch luisteren
luisteren naar zijn hart
want zonder woorden worden in vriendschap
alle gedachten
alle verlangens
alle verwachtingen
geboren en gedeeld

je mist hem pas als hij er niet is
zoals een bergbeklimmer die de berg duidelijker ziet vanuit de vlakte
vriendschap moet onvoorwaardelijk zijn
geen andere bedoeling dan verdieping van de geest
geen bijbedoelingen
want als het meer moet bieden
dan mag het geen vriendschap heten

het beste moet voor jouw vriend zijn
als hij de eb van je getij moet ervaren
laat hem dan ook de vloed kennen
want wat is een vriend als je hem alleen opzoekt om de tijd te doden
zoek hem op om de tijd te leven
je vriend moet jouw tekort vullen
niet jouw ledigheid
samen lachen
samen beleven
samen genieten
want bij vriendschap zit het
net als bij echte liefde
in de kleine dingen:
dauwdruppels
die de morgen verfrissen
als voorboden van een dag vol zon en warmte

Twan van Dijk

Vuurvogel

Een vriend laat me

ontdekken

in goede en slechte tijden

hoe ik het meest
van mijn eigen trekken

te lijden heb

en uit dit ongemak
dat vriendschap wijst

steeds die hernieuwde
Erica reist …..

Erica Rekers