dinsdag 31 mei 2011

Dichterscafé mei 2011

Dichterscafé mei 2011- Onderwerp:
Dichtregel van Martinus Nijhoff: "Wees hier aanwezig allereerste geest...".

Gedichten van deze bijeenkomst:
Mantel door Alfred Bronswijk
Een poëet door Wim van den Hoonaard
De weg door Piet Floors

Mantel

Nog even - dan slaat de nacht zijn mantel open.
Wat licht was wordt met donker toegedekt.
De ruimte is in muren teruggekropen
En in mij wordt het lied van angst gewekt.

Diep voel ik de toon van het verlies van hopen,
Van een vaarwel van wie ik zielsveel hield ,
Van het moment waarin zich de tijd laat slopen
Van alle schepen achter mij vernield.

Nog weet ik mij verstrengeld in oude dromen.
Nog heeft de nacht mijn hart niet aangetast.
Nog staan er zonnebloemen naast de kast.

En buiten klinkt een kinderstem die mij verrast,
Dat duister niet ieder licht kan tomen
En mantels zilver dragen in hun zomen.

Alfred Bronswijk

Een poëet

Een poëet
valt niet ver
van de schoenmaker
zijn leest,
want hij/zij verkent
het hele universum
met zijn/haar eigen geest,
die hem/haar vervolgens
dichten doet,
zowel in voor-
als tegenspoed.

Wim van den Hoonaard

De Weg

Voorop, op de fiets, bij mijn moeder,
naar opa en oma Diepenveen, haar vader en moeder -
kerktoren, watertoren, smokkelpad.

Via de torens, Zwolseweg, Ceintuurbaan, en verder,
Lookersdijk, Smokkelpad, Het Laar, Gelselaar, Groenewold, Het Vlier,
het bijzondere huis, Havezatelaan, Ottersbrug, Oranjelaan,
zie, en ga, ik de weg weer.

Piet Floors